HomeUitlegGroep 6SpellingWat is het voltooid deelwoord? Uitleg en voorbeelden voor ouders

Wat is het voltooid deelwoord? Uitleg en voorbeelden voor ouders

Veel ouders zoeken op wat is het voltooid deelwoord wanneer hun kind thuis met taal of spelling oefent. Dat is heel begrijpelijk, want werkwoordspelling kan best verwarrend zijn. Kinderen moeten niet alleen weten wat een werkwoord is, maar ook herkennen welke vorm in een zin wordt gebruikt.

Het voltooid deelwoord komt vaak terug in zinnen met woorden als heb, ben, is, zijn of wordt. Denk aan zinnen zoals: Ik heb gewerkt of Wij zijn gelopen. Voor kinderen op de basisschool is het belangrijk dat ze deze vorm leren herkennen en correct leren schrijven.

In dit artikel leggen we rustig uit wat een voltooid deelwoord is, hoe je kind het kan herkennen en waar je op moet letten bij de spelling. Ook lees je hoe je thuis op een eenvoudige manier kunt oefenen met gratis werkbladen en oefenboeken.

Oefenboeken groep 3 t/m 8 van Oefenboeken.nl

Wat is het voltooid deelwoord?

Een voltooid deelwoord is een vorm van een werkwoord die laat zien dat iets al is gebeurd of afgerond is. Het staat vaak samen met een hulpwerkwoord, zoals hebben, zijn of worden.

Bijvoorbeeld:

ZinVoltooid deelwoord
Ik heb gewerkt.gewerkt
Zij is gevallen.gevallen
De deur wordt gesloten.gesloten

In de zin Ik heb gewerkt is gewerkt het voltooid deelwoord. Het geeft aan dat het werken al gebeurd is. Het hulpwerkwoord heb helpt om de zin compleet te maken.

Voor kinderen is het handig om te weten dat een voltooid deelwoord vaak iets zegt over een actie die klaar is. Daardoor kunnen ze de vorm beter herkennen in een zin.

Hoe herken je een voltooid deelwoord?

Een voltooid deelwoord herkennen wordt makkelijker als je kind op een paar vaste dingen leert letten. Niet elk voltooid deelwoord ziet er precies hetzelfde uit, maar er zijn wel duidelijke aanwijzingen.

Vaak begint een voltooid deelwoord met ge en eindigt het op d, t of en. Toch zijn er ook uitzonderingen. Daarom is het belangrijk om niet alleen naar het woord zelf te kijken, maar ook naar de hele zin.

Let op woorden zoals ge, be, ver, ont en her

Veel voltooid deelwoorden beginnen met ge. Denk aan gemaakt, geleerd, gepakt en gelopen. Dit is vaak een eerste aanwijzing voor kinderen.

Maar niet elk voltooid deelwoord begint met ge. Werkwoorden die al beginnen met be, ver, ont of her krijgen meestal geen extra ge ervoor. Denk aan betaald, verhuisd, ontdekt en herkend.

Voor kinderen is dit soms lastig, omdat ze verwachten dat elk voltooid deelwoord met ge begint. Daarom helpt het om meerdere voorbeelden naast elkaar te zien.

WerkwoordVoltooid deelwoord
makengemaakt
lerengeleerd
betalenbetaald
verhuizenverhuisd
ontdekkenontdekt
herkennenherkend

Kijk naar de eindiging d, t of en

Een voltooid deelwoord eindigt vaak op d, t of en. Bij zwakke werkwoorden zie je meestal een d of t aan het einde. Bij sterke werkwoorden zie je vaak en.

Bijvoorbeeld:

WerkwoordVoltooid deelwoord
werkengewerkt
lerengeleerd
lopengelopen
schrijvengeschreven
helpengeholpen

Dit verschil is belangrijk bij werkwoordspelling. Kinderen moeten leren wanneer ze een voltooid deelwoord met d, t of en schrijven.

Zoek het hulpwerkwoord in de zin

Een voltooid deelwoord staat vaak samen met een hulpwerkwoord. Veelgebruikte hulpwerkwoorden zijn hebben, zijn en worden.

Bijvoorbeeld:

ZinHulpwerkwoordVoltooid deelwoord
Ik heb mijn tas gepakt.hebgepakt
Wij zijn naar huis gegaan.zijngegaan
De brief wordt geschreven.wordtgeschreven

Als je kind een zin leest, kan het dus eerst zoeken naar een hulpwerkwoord. Daarna kijkt het welk werkwoord daarbij hoort. Dat werkwoord is vaak het voltooid deelwoord.

Educatieve illustratie die laat zien hoe je een voltooid deelwoord herkent aan ge, de eindiging en een hulpwerkwoord in de zin.

Voorbeelden van voltooid deelwoorden

Voorbeelden maken het voltooid deelwoord veel duidelijker. Zeker voor basisschoolkinderen is het belangrijk dat de zinnen herkenbaar en niet te moeilijk zijn.

Hieronder staan een paar eenvoudige voorbeelden:

ZinVoltooid deelwoord
Ik heb mijn huiswerk gemaakt.gemaakt
Zij heeft een boek gelezen.gelezen
Wij zijn naar school gefietst.gefietst
Hij heeft goed geluisterd.geluisterd
De bal is gevallen.gevallen
Mama heeft eten gekookt.gekookt
Mijn broer heeft hard gelopen.gelopen

Je ziet dat het voltooid deelwoord vaak achter in de zin staat. Dat is niet altijd zo, maar het helpt kinderen wel om eerst daar te kijken.

Een goede oefening is om je kind in een zin eerst het hulpwerkwoord te laten zoeken. Daarna kan je kind kijken welk werkwoord daarbij hoort.

Wanneer eindigt een voltooid deelwoord op d, t of en?

Veel kinderen vinden vooral de spelling van het voltooid deelwoord lastig. Ze horen aan het einde van een woord vaak dezelfde klank, maar moeten toch kiezen tussen d en t.

Bijvoorbeeld: je hoort bij geleerd bijna hetzelfde eindgeluid als bij gewerkt. Toch schrijf je het ene woord met een d en het andere met een t. Dat komt door de regels van werkwoordspelling.

Zwakke werkwoorden en de d of t

Bij zwakke werkwoorden verandert de klinker meestal niet. Het voltooid deelwoord eindigt dan vaak op d of t.

Bijvoorbeeld:

WerkwoordVoltooid deelwoord
werkengewerkt
makengemaakt
lerengeleerd
spelengespeeld
fietsengefietst

Kinderen kunnen hierbij leren om naar de stam van het werkwoord te kijken. Dat helpt om te bepalen of het voltooid deelwoord op d of t eindigt.

Sterke werkwoorden en de en vorm

Bij sterke werkwoorden verandert de klinker vaak. Het voltooid deelwoord eindigt dan meestal op en.

Bijvoorbeeld:

WerkwoordVoltooid deelwoord
lopengelopen
schrijvengeschreven
lezengelezen
ziengezien
helpengeholpen
sprekengesproken

Voor kinderen is het goed om te weten dat sterke werkwoorden vaak niet volgens de gewone d of t regel gaan. Deze vormen moeten ze vooral herkennen en veel tegenkomen.

De ex kofschipregel bij het voltooid deelwoord

De ex kofschipregel helpt kinderen bepalen of een voltooid deelwoord op d of t eindigt. Deze regel wordt vooral belangrijk bij zwakke werkwoorden.

De basis is eenvoudig: je kijkt naar de laatste letter van de stam van het werkwoord. Zit die letter in ex kofschip, dan eindigt het voltooid deelwoord meestal op t. Zit die letter er niet in, dan eindigt het voltooid deelwoord meestal op d.

Bijvoorbeeld:

WerkwoordStamVoltooid deelwoord
werkenwerkgewerkt
makenmaakgemaakt
lerenleergeleerd
spelenspeelgespeeld

Bij werken eindigt de stam op k. De k zit in ex kofschip, dus schrijf je gewerkt met een t. Bij leren eindigt de stam op r. De r zit niet in ex kofschip, dus schrijf je geleerd met een d.

Voor kinderen kan deze regel in het begin veel stappen hebben. Daarom is het verstandig om rustig te oefenen met korte rijtjes en duidelijke voorbeeldzinnen.

Hebben, zijn of worden bij het voltooid deelwoord

Een voltooid deelwoord staat vaak samen met een hulpwerkwoord. De meest voorkomende hulpwerkwoorden zijn hebben, zijn en worden.

HulpwerkwoordVoorbeeld
hebbenIk heb gewerkt.
zijnWij zijn gekomen.
wordenDe deur wordt gesloten.

Bij hebben en zijn gaat het vaak om iets dat al is gebeurd. Bij worden gaat het vaak om iets dat gebeurt met het onderwerp van de zin.

Voor basisschoolkinderen hoeft deze uitleg niet te ingewikkeld te worden. Het belangrijkste is dat ze leren zien dat het voltooid deelwoord vaak samen met zo’n hulpwerkwoord in de zin staat.

Voltooid deelwoord op de basisschool

Op de basisschool komt het voltooid deelwoord meestal terug bij taal en spelling. Kinderen leren eerst werkwoorden herkennen en later ook verschillende werkwoordsvormen correct schrijven.

Het onderwerp wordt stap voor stap opgebouwd. Eerst gaat het vaak om herkennen, daarna om goed spellen en toepassen in zinnen. Vooral in de bovenbouw wordt werkwoordspelling steeds belangrijker.

Voltooid deelwoord in groep 6

In groep 6 maken veel kinderen kennis met verschillende werkwoordsvormen. Ze leren bijvoorbeeld dat een werkwoord in een zin meerdere vormen kan hebben.

Het voltooid deelwoord wordt vaak nog eenvoudig aangeboden. Kinderen oefenen met herkennen en met voorbeelden zoals gemaakt, gewerkt en geleerd.

Voltooid deelwoord in groep 7 en 8

In groep 7 en 8 wordt de uitleg meestal uitgebreider. Kinderen moeten dan vaker zelf bepalen of een voltooid deelwoord op d, t of en eindigt.

Ook wordt de ex kofschipregel belangrijker. Kinderen leren deze regel toepassen bij dictees, taalopdrachten en werkwoordspelling. Regelmatig kort oefenen helpt om deze stappen beter te automatiseren.

Infographic over het voltooid deelwoord op de basisschool met uitleg over herkennen, spellen en toepassen in groep 6, 7 en 8.

Veelgemaakte fouten bij het voltooid deelwoord

Het is heel normaal dat kinderen fouten maken met het voltooid deelwoord. Werkwoordspelling vraagt namelijk om meerdere stappen tegelijk: herkennen, nadenken over de stam en de juiste uitgang kiezen.

Veel fouten ontstaan doordat kinderen vooral op hun gehoor afgaan. Dat is logisch, want geleerd en gewerkt klinken aan het einde bijna hetzelfde. Toch schrijf je ze anders.

Veelgemaakte foutVoorbeeldGoede vorm
Verleden tijd en voltooid deelwoord door elkaar halenhij heeft werktehij heeft gewerkt
Twijfelen tussen d en tgeleertgeleerd
Sterke werkwoorden verkeerd schrijvengelooptgelopen
Hulpwerkwoord niet herkennenik mijn boek gepaktik heb mijn boek gepakt

Als ouder hoef je niet alles in één keer uit te leggen. Het helpt vaak meer om één soort fout tegelijk te oefenen. Zo blijft het overzichtelijk en raakt je kind minder snel gefrustreerd.

Hoe kan je kind oefenen met het voltooid deelwoord?

Je kind kan het voltooid deelwoord op verschillende manieren oefenen. Begin bij herkennen en ga daarna pas naar zelf invullen en schrijven. Zo bouw je de moeilijkheid rustig op.

Een eenvoudige oefenopbouw is:

  1. Laat je kind het hulpwerkwoord zoeken.
  2. Laat je kind het voltooid deelwoord aanwijzen.
  3. Bespreek of het woord eindigt op d, t of en.
  4. Laat je kind zelf een zin maken met het voltooid deelwoord.

Korte oefeningen werken vaak beter dan lange oefensessies. Tien minuten gericht oefenen kan al genoeg zijn, zeker als je kind daarna merkt dat het de zinnen beter begrijpt.

Op oefenboeken.nl kunnen ouders gratis werkbladen gebruiken om thuis extra te oefenen met taal, spelling en werkwoordspelling. Dit is handig als je eerst rustig wilt ontdekken wat je kind al kan en waar nog herhaling nodig is.

Gratis werkbladen taal en spelling

Download nu onze Gratis werkbladen taal & spelling

Meer dan 100.000 ouders oefenen al met ons materiaal en zagen hun kind groeien in zekerheid, tempo en resultaat. Vul hieronder je gegevens in en ontvang de oefenbladen direct als PDF in je mailbox.

Je gegevens zijn veilig en je kunt je op elk moment afmelden.

Extra oefenen met taal en spelling

Sommige kinderen hebben meer herhaling nodig voordat werkwoordspelling vanzelf gaat. Dat is niet erg. Het voltooid deelwoord is een onderwerp waarbij veel kinderen pas zekerder worden door het vaak in verschillende zinnen te zien.

Oefenboeken kunnen helpen wanneer je thuis gestructureerd wilt oefenen. Ze geven duidelijkheid, vaste opbouw en afwisseling in opdrachten. Dat maakt het voor ouders makkelijker om gericht te oefenen zonder zelf steeds nieuw materiaal te hoeven bedenken.

Voor kinderen is die structuur prettig. Ze weten wat er van hen verwacht wordt en krijgen stap voor stap meer grip op taal en spelling. Vooral bij onderwerpen zoals werkwoorden, zinsdelen en spellingregels kan herhaling veel rust geven.

Voltooid deelwoord en voorbereiding op taaltoetsen

Het voltooid deelwoord kan onderdeel zijn van bredere taal en spellingvaardigheden die op school worden geoefend en getoetst. Denk aan werkwoordspelling, grammatica en het herkennen van woordsoorten in zinnen.

Bij toetsen zoals Leerling in Beeld, Cito en IEP gaat het meestal niet alleen om één losse regel. Kinderen moeten taalregels kunnen toepassen in verschillende opdrachten. Daarom is het belangrijk dat ze niet alleen de uitleg kennen, maar ook genoeg oefenen met zinnen.

Gratis werkbladen kunnen helpen om gericht te oefenen met een specifiek onderdeel, zoals het herkennen van het voltooid deelwoord. Oefenboeken zijn vooral handig als je kind meer structuur en herhaling nodig heeft richting taaltoetsen. Zo kan je kind met meer vertrouwen oefenen, zonder dat het meteen voelt als een grote toetsvoorbereiding.

Verzeker je kind van meer vertrouwen met onze oefenboeken

Thuis oefenen hoeft niet ingewikkeld te zijn. Met duidelijke uitleg, korte opdrachten en regelmatige herhaling krijgt je kind stap voor stap meer grip op taal en spelling.

De oefenboeken van oefenboeken.nl zijn bedoeld voor ouders die hun kind op een rustige en gestructureerde manier willen ondersteunen. Ze sluiten aan bij wat kinderen op de basisschool leren en helpen bij het oefenen van belangrijke vaardigheden zoals spelling, grammatica en begrijpend lezen.

Merk je dat je kind vaak twijfelt bij werkwoorden of onzeker wordt van taalopdrachten? Dan kan extra oefening helpen om de basis sterker te maken. Zo groeit niet alleen de kennis, maar ook het zelfvertrouwen in de klas.

Veelgestelde vragen over het voltooid deelwoord

Wat is het voltooid deelwoord?
Een voltooid deelwoord is een vorm van een werkwoord die aangeeft dat iets al is gebeurd of afgerond is. In de zin “Ik heb gewerkt” is “gewerkt” het voltooid deelwoord. Het staat vaak samen met een hulpwerkwoord zoals hebben, zijn of worden.
Hoe herken je een voltooid deelwoord?
Je herkent een voltooid deelwoord vaak aan het hulpwerkwoord in de zin en aan de vorm van het werkwoord. Veel voltooid deelwoorden beginnen met ge en eindigen op d, t of en. Voorbeelden zijn gemaakt, gewerkt, geleerd en gelopen.
Wat is een voorbeeld van een voltooid deelwoord?
Een voorbeeld is de zin “Zij heeft haar huiswerk gemaakt”. Het woord “gemaakt” is hier het voltooid deelwoord. Andere voorbeelden zijn geleerd, gezien, geholpen, gefietst en geschreven.
Wat is het verschil tussen verleden tijd en voltooid deelwoord?
De verleden tijd staat vaak zonder hulpwerkwoord, zoals “hij werkte”. Een voltooid deelwoord staat meestal met een hulpwerkwoord, zoals “hij heeft gewerkt”. Dit verschil is belangrijk bij werkwoordspelling.
Wanneer schrijf je een voltooid deelwoord met d of t?
Bij zwakke werkwoorden kijk je meestal naar de stam van het werkwoord. De ex kofschipregel kan helpen om te bepalen of het voltooid deelwoord op d of t eindigt. Omdat dit voor kinderen lastig kan zijn, helpt het om veel met duidelijke voorbeelden te oefenen.
In welke groep leert mijn kind het voltooid deelwoord?
Kinderen komen het voltooid deelwoord meestal tegen in de middenbouw en bovenbouw van de basisschool. In groep 6 maken veel kinderen kennis met de basis. In groep 7 en 8 wordt de spelling vaak verder geoefend, bijvoorbeeld met d, t en de ex kofschipregel.
Hoe kan mijn kind oefenen met het voltooid deelwoord?
Begin met korte oefeningen waarin je kind het hulpwerkwoord en het voltooid deelwoord in een zin zoekt. Daarna kan je kind oefenen met het invullen van de juiste vorm. Gratis werkbladen en oefenboeken kunnen helpen om dit rustig en stap voor stap te herhalen.
Gratis werkbladen taal en spelling

Download nu onze Gratis werkbladen taal & spelling

Meer dan 100.000 ouders oefenen al met ons materiaal en zagen hun kind groeien in zekerheid, tempo en resultaat. Vul hieronder je gegevens in en ontvang de oefenbladen direct als PDF in je mailbox.

Gerelateerde berichten

Liter en hectoliter omrekenen uitleg voor ouders

Liter en hectoliter omrekenen uitleg voor ouders

Ongelijknamige breuken optellen: uitleg en oefenen voor je kind

Ongelijknamige breuken optellen: uitleg en oefenen voor je kind

Onvoltooid deelwoord oefenen: duidelijke uitleg en voorbeelden

Onvoltooid deelwoord oefenen: duidelijke uitleg en voorbeelden

Plaats een reactie