Zoek je een duidelijke Romeinse cijfers tabel om je kind te helpen? Dan is het fijn als je niet alleen de cijfers ziet, maar ook begrijpt hoe ze werken. Romeinse cijfers komen kinderen soms tegen op klokken, in boeken, bij jaartallen of in opdrachten op school.
Voor veel kinderen zijn Romeinse cijfers in het begin verwarrend. Ze lijken op letters, maar betekenen getallen. Met een goede tabel, rustige uitleg en korte oefeningen wordt het al snel een stuk overzichtelijker.
In dit artikel lees je wat Romeinse cijfers zijn, hoe je ze omzet en hoe je jouw kind thuis kunt helpen met oefenen.

Romeinse cijfers tabel
Romeinse cijfers bestaan uit vaste letters. Elke letter heeft een eigen waarde. Door deze letters te combineren, kun je verschillende getallen maken.
Hieronder zie je de belangrijkste Romeinse cijfers.
| Romeins cijfer | Gewoon getal |
| I | 1 |
| V | 5 |
| X | 10 |
| L | 50 |
| C | 100 |
| D | 500 |
| M | 1000 |
Deze zeven tekens vormen de basis. Als je kind deze goed kent, wordt het makkelijker om Romeinse cijfers te lezen en zelf te schrijven.
Romeinse cijfers 1 tot en met 10
| Gewoon getal | Romeins cijfer |
| 1 | I |
| 2 | II |
| 3 | III |
| 4 | IV |
| 5 | V |
| 6 | VI |
| 7 | VII |
| 8 | VIII |
| 9 | IX |
| 10 | X |
Bij 4 en 9 zie je iets bijzonders. IV betekent 5 min 1 en IX betekent 10 min 1. Dit is vaak het eerste punt waarop kinderen even moeten nadenken.
Romeinse cijfers 10 tot en met 100
| Gewoon getal | Romeins cijfer |
| 10 | X |
| 20 | XX |
| 30 | XXX |
| 40 | XL |
| 50 | L |
| 60 | LX |
| 70 | LXX |
| 80 | LXXX |
| 90 | XC |
| 100 | C |
Ook hier geldt dezelfde regel. XL betekent 50 min 10 en XC betekent 100 min 10. Kinderen leren zo dat de volgorde van de letters belangrijk is.
Romeinse cijfers 100 tot en met 1000
| Gewoon getal | Romeins cijfer |
| 100 | C |
| 200 | CC |
| 300 | CCC |
| 400 | CD |
| 500 | D |
| 600 | DC |
| 700 | DCC |
| 800 | DCCC |
| 900 | CM |
| 1000 | M |
Voor basisschoolkinderen is het meestal genoeg om de belangrijkste Romeinse cijfers tot 1000 te herkennen. Grotere getallen komen minder vaak voor en zijn vooral handig als extra uitdaging.

Wat zijn Romeinse cijfers?
Romeinse cijfers zijn een oude manier om getallen te schrijven. In plaats van de cijfers 1, 2, 3 en 4 gebruik je letters zoals I, V, X en L.
Kinderen komen Romeinse cijfers bijvoorbeeld tegen op sommige klokken, bij hoofdstukken in boeken, bij jaartallen op gebouwen of bij namen van koningen en koninginnen. Denk bijvoorbeeld aan Willem II of hoofdstuk IV.
Voor kinderen is het vooral belangrijk dat ze begrijpen dat Romeinse cijfers een ander getallensysteem zijn. Ze hoeven niet meteen alles uit hun hoofd te kennen, maar moeten stap voor stap leren hoe de tekens samen een getal vormen.
Hoe werken Romeinse cijfers?
Romeinse cijfers werken met optellen en soms met aftrekken. Meestal lees je de letters van groot naar klein. Dan tel je de waarden bij elkaar op.
Bijvoorbeeld: VI bestaat uit V en I. Dat is 5 plus 1, dus 6. XII bestaat uit X, I en I. Dat is 10 plus 1 plus 1, dus 12.
Soms staat een kleiner Romeins cijfer vóór een groter Romeins cijfer. Dan trek je het kleinere getal ervan af. Dat zie je bijvoorbeeld bij IV en IX.
De belangrijkste Romeinse cijfers
De belangrijkste Romeinse cijfers zijn I, V, X, L, C, D en M. Deze vormen samen de basis van het hele systeem.
Voor kinderen helpt het om eerst deze tekens goed te oefenen. Daarna kunnen ze eenvoudige combinaties herkennen, zoals II, VII, XII en XX.
De basisregel van groot naar klein
Als de Romeinse cijfers van groot naar klein staan, tel je ze bij elkaar op. Dit is de regel die kinderen het vaakst gebruiken.
Voorbeelden:
| Romeins cijfer | Betekenis | Gewoon getal |
| VI | 5 plus 1 | 6 |
| XII | 10 plus 1 plus 1 | 12 |
| XXV | 10 plus 10 plus 5 | 25 |
| LX | 50 plus 10 | 60 |
Deze regel is vaak goed te oefenen met korte rijtjes. Laat je kind eerst hardop benoemen welke waarde elke letter heeft.
Wanneer trek je een Romeins cijfer af?
Je trekt af als een kleiner Romeins cijfer vóór een groter Romeins cijfer staat. Dit gebeurt bij bekende combinaties zoals IV, IX, XL, XC, CD en CM.
Voorbeelden:
| Romeins cijfer | Betekenis | Gewoon getal |
| IV | 5 min 1 | 4 |
| IX | 10 min 1 | 9 |
| XL | 50 min 10 | 40 |
| XC | 100 min 10 | 90 |
Voor kinderen is dit vaak het lastigste deel. Het helpt om steeds te vragen: staat het kleine cijfer vóór of ná het grote cijfer?
Romeinse cijfers omzetten naar gewone getallen
Als je kind Romeinse cijfers wil omzetten naar gewone getallen, is het handig om rustig van links naar rechts te kijken. Eerst kijkt je kind welke letters er staan. Daarna bepaalt het of de cijfers opgeteld of afgetrokken moeten worden.
Neem bijvoorbeeld XIV. X is 10 en IV is 4. Samen is dat 14.
Nog een voorbeeld is XXVII. XX is 20, V is 5 en II is 2. Samen is dat 27.
| Romeins cijfer | Stap voor stap | Gewoon getal |
| VI | 5 plus 1 | 6 |
| XIV | 10 plus 4 | 14 |
| XX | 10 plus 10 | 20 |
| XL | 50 min 10 | 40 |
| CIX | 100 plus 9 | 109 |
Laat je kind niet te snel raden. Rustig opdelen in stukjes werkt vaak beter dan meteen het hele getal willen zien.
Gewone getallen omzetten naar Romeinse cijfers
Andersom kan natuurlijk ook. Dan zet je een gewoon getal om naar Romeinse cijfers. Dit vraagt iets meer inzicht, omdat je kind moet bedenken welke Romeinse tekens samen het getal vormen.
Begin met eenvoudige getallen. Het getal 8 wordt VIII, want dat is 5 plus 3. Het getal 12 wordt XII, want dat is 10 plus 2.
Bij grotere getallen helpt het om eerst naar tientallen en eenheden te kijken. Het getal 24 bestaat uit 20 en 4. Dat wordt XX en IV, dus XXIV.
| Gewoon getal | Stap voor stap | Romeins cijfer |
| 7 | 5 plus 2 | VII |
| 14 | 10 plus 4 | XIV |
| 29 | 20 plus 9 | XXIX |
| 44 | 40 plus 4 | XLIV |
| 99 | 90 plus 9 | XCIX |
Oefen dit eerst met getallen tot 20. Als dat goed gaat, kun je rustig uitbreiden naar 50, 100 en later 1000.

Veelgemaakte fouten bij Romeinse cijfers
Veel kinderen halen Romeinse cijfers in het begin door elkaar. Dat is normaal, omdat ze niet alleen de symbolen moeten onthouden, maar ook de volgorde goed moeten lezen.
Een veelgemaakte fout is dat kinderen IV lezen als 6, omdat ze 1 en 5 willen optellen. Ze vergeten dan dat de I vóór de V staat en dus moet worden afgetrokken.
Ook IX en XI worden soms verwisseld. IX is 9, omdat I vóór X staat. XI is 11, omdat I na X staat.
Bij grotere getallen kan XL lastig zijn. XL is 40, terwijl LX juist 60 is. Het verschil zit opnieuw in de volgorde.
Een rustige aanpak helpt hierbij. Laat je kind steeds eerst de tekens benoemen en daarna kijken of er ergens een kleiner cijfer vóór een groter cijfer staat.
Romeinse cijfers oefenen met je kind
Romeinse cijfers oefenen hoeft niet lang te duren. Een paar korte oefeningen per keer zijn vaak genoeg. Vooral herhaling helpt kinderen om de symbolen en regels beter te onthouden.
Je kunt thuis beginnen met kleine opdrachten. Laat je kind bijvoorbeeld de Romeinse cijfers op een klok zoeken, hoofdstukken in een boek bekijken of eenvoudige getallen omzetten naar Romeinse cijfers.
Ook werkbladen kunnen handig zijn. Met gratis werkbladen kan je kind rustig oefenen met herkennen, omzetten en invullen. Dat geeft jou als ouder meteen zicht op wat al goed gaat en waar nog extra uitleg nodig is.
Op oefenboeken.nl passen gratis werkbladen goed bij dit soort onderwerpen. Ze maken het oefenen concreet en overzichtelijk, zonder dat je zelf opdrachten hoeft te bedenken.
Romeinse cijfers en rekenen op de basisschool
Romeinse cijfers zijn meestal geen groot los onderdeel binnen rekenen, maar ze kunnen wel helpen bij getalbegrip. Kinderen leren anders naar getallen kijken en moeten goed letten op volgorde, waarde en betekenis.
Dat sluit aan bij vaardigheden die in het rekenonderwijs vaker terugkomen. Denk aan nauwkeurig lezen, patronen herkennen en getallen opbouwen uit kleinere delen.
Bij toetsen zoals Leerling in Beeld, Cito en IEP draait het vooral om brede rekenvaardigheid en begrip. Romeinse cijfers zijn daarbij niet altijd een hoofdonderwerp, maar extra oefenen met getalbegrip kan kinderen wel meer zekerheid geven.
Gratis werkbladen en oefenboeken kunnen helpen om thuis op een rustige manier te oefenen. Niet door druk te leggen op toetsen, maar door je kind stap voor stap meer vertrouwen te geven in rekenen en getallen.
Download nu onze Gratis werkbladen Rekenen
Meer dan 100.000 ouders oefenen al met ons materiaal en zagen hun kind groeien in zekerheid, tempo en resultaat. Vul hieronder je gegevens in en ontvang de oefenbladen direct als PDF in je mailbox.
Extra oefenen met oefenboeken
Sommige kinderen begrijpen Romeinse cijfers snel. Andere kinderen hebben meer herhaling nodig voordat ze de regels goed kunnen toepassen. Dat verschil is heel normaal.
Oefenboeken kunnen dan helpen om gestructureerd te oefenen. Je kind werkt niet alleen aan losse opdrachten, maar bouwt stap voor stap meer zekerheid op met rekenen, getalbegrip en het lezen van opdrachten.
Voor ouders is dat prettig, omdat je niet steeds zelf hoeft te bedenken wat je kind kan oefenen. Je hebt duidelijke opdrachten bij de hand en kunt makkelijker zien welke onderdelen nog lastig zijn.
Wil je jouw kind thuis extra ondersteunen? Dan kunnen de oefenboeken van oefenboeken.nl een fijne aanvulling zijn op wat je kind op school leert. Ze helpen kinderen rustig oefenen, met meer overzicht en vertrouwen.