Spreekwoorden en gezegden maken de Nederlandse taal levendig, maar voor kinderen kunnen ze best lastig zijn. Een zin als “de kat uit de boom kijken” betekent namelijk niet dat er echt een kat in een boom zit. Kinderen moeten leren dat zulke zinnen vaak figuurlijk bedoeld zijn.
In dit artikel vind je alle spreekwoorden en gezegden op een rij die kinderen op de basisschool regelmatig kunnen tegenkomen. Je krijgt duidelijke betekenissen, praktische uitleg en tips om thuis op een rustige manier te oefenen.
Voor ouders is dit handig, omdat spreekwoorden en gezegden niet alleen bij taal voorkomen. Ze spelen ook een rol bij woordenschat, begrijpend lezen en het begrijpen van teksten waarin figuurlijk taalgebruik wordt gebruikt.

Wat zijn spreekwoorden en gezegden?
Spreekwoorden en gezegden zijn vaste zinnen of uitdrukkingen met een betekenis die je vaak niet letterlijk moet nemen. Ze worden veel gebruikt in gesprekken, boeken, verhalen en schoolopdrachten.
Een spreekwoord geeft meestal een algemene wijsheid of levensles. Denk aan: “Wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd.” Daarmee wordt bedoeld dat je ook kleine dingen moet waarderen.
Een gezegde is vaak een vaste uitdrukking die iets duidelijker of beeldender maakt. Bijvoorbeeld: “met de deur in huis vallen.” Dat betekent dat iemand meteen zegt waar het om gaat.
Voor kinderen is dit soms verwarrend. Ze kennen de losse woorden wel, maar begrijpen nog niet altijd wat de zin als geheel betekent. Daarom helpt het om spreekwoorden en gezegden stap voor stap uit te leggen.
Wat is het verschil tussen een spreekwoord, gezegde en uitdrukking?
Veel mensen gebruiken de woorden spreekwoord, gezegde en uitdrukking door elkaar. Toch zit er verschil tussen. Voor basisschoolkinderen hoeft die uitleg niet ingewikkeld te zijn, maar het is wel handig om de basis te kennen.
Een spreekwoord is meestal een complete zin met een duidelijke boodschap. Het vertelt vaak iets dat in veel situaties geldt. Bijvoorbeeld: “Na regen komt zonneschijn.” Dat betekent dat er na een moeilijke periode vaak weer betere tijden komen.
Een gezegde is een vaste combinatie van woorden die je in een zin gebruikt. Bijvoorbeeld: “de draad weer oppakken.” Dat betekent dat je verdergaat waar je eerder was gebleven.
Een uitdrukking lijkt op een gezegde en wordt vaak gebruikt om iets op een beeldende manier te zeggen. Bijvoorbeeld: “iets door de vingers zien.” Dat betekent dat je iets niet te streng beoordeelt.
Kort voorbeeld per soort
Spreekwoord: “Oost west, thuis best.”
Betekenis: thuis voel je je vaak het prettigst.
Gezegde: “Met de deur in huis vallen.”
Betekenis: meteen zeggen wat je wilt zeggen.
Uitdrukking: “Iets onder de knie krijgen.”
Betekenis: iets goed leren of beheersen.
Voor kinderen is vooral belangrijk dat ze leren kijken naar de betekenis achter de woorden. Wat staat er letterlijk? En wat wordt er eigenlijk bedoeld?

Alle spreekwoorden en gezegden op een rij
Hieronder vind je bekende spreekwoorden en gezegden met betekenis. De uitleg is eenvoudig gehouden, zodat je deze makkelijk met je kind kunt bespreken.
Bekende spreekwoorden met betekenis
Na regen komt zonneschijn
Na een moeilijke periode komen er vaak weer betere tijden.
De appel valt niet ver van de boom
Een kind lijkt vaak op zijn vader of moeder.
Wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd
Je moet ook kleine dingen waarderen.
Haastige spoed is zelden goed
Als je iets te snel doet, maak je sneller fouten.
Eerlijk duurt het langst
Het is beter om eerlijk te zijn, ook als dat soms moeilijk is.
Oost west, thuis best
Thuis voel je je vaak het meest op je gemak.
Beter laat dan nooit
Het is beter om iets later te doen dan helemaal niet.
Wie niet waagt, wie niet wint
Als je niets probeert, kun je ook niets bereiken.
Al doende leert men
Je leert iets door het gewoon te proberen en te doen.
Een goed begin is het halve werk
Als je goed begint, wordt de rest vaak makkelijker.
De morgenstond heeft goud in de mond
Wie vroeg begint, kan veel bereiken.
Zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens
Nergens is het zo fijn als thuis.
Waar rook is, is vuur
Als er geruchten zijn, zit er vaak iets van waarheid in.
Wie A zegt, moet ook B zeggen
Als je ergens aan begint, moet je het ook afmaken.
Blaffende honden bijten niet
Mensen die veel dreigen, doen vaak uiteindelijk weinig.
Hoge bomen vangen veel wind
Mensen die bekend of belangrijk zijn, krijgen vaak veel kritiek.
De beste stuurlui staan aan wal
Mensen die zelf niet meedoen, denken vaak dat ze het beter weten.
Een ongeluk zit in een klein hoekje
Een ongeluk kan snel en onverwacht gebeuren.
Ieder huisje heeft zijn kruisje
In elk gezin of huis zijn er weleens problemen.
Wie goed doet, goed ontmoet
Als je goed bent voor anderen, krijg je vaak ook iets goeds terug.
Het is niet alles goud wat er blinkt
Iets kan mooi lijken, maar toch tegenvallen.
Geduld is een schone zaak
Soms moet je rustig wachten.
Lieverkoekjes worden niet gebakken
Je kunt niet altijd krijgen wat je wilt.
Van uitstel komt afstel
Als je iets steeds uitstelt, gebeurt het vaak helemaal niet meer.
De aanhouder wint
Wie volhoudt, bereikt vaak zijn doel.
Bekende gezegden met betekenis
De kat uit de boom kijken
Eerst rustig afwachten voordat je iets doet.
Met de deur in huis vallen
Meteen zeggen waar het om gaat.
Iemand in het zonnetje zetten
Iemand extra aandacht of waardering geven.
Een oogje in het zeil houden
Goed opletten of alles goed gaat.
Iets onder de knie krijgen
Iets goed leren.
De draad weer oppakken
Verdergaan waar je was gebleven.
Iets door de vingers zien
Iets niet te streng beoordelen.
Ergens geen touw aan vast kunnen knopen
Iets helemaal niet begrijpen.
Met je neus in de boter vallen
Veel geluk hebben op het juiste moment.
Op je tanden bijten
Volhouden, ook als iets moeilijk is.
Een steentje bijdragen
Helpen aan iets groters.
De handen uit de mouwen steken
Hard aan het werk gaan.
Iemand een hart onder de riem steken
Iemand moed inspreken.
Het hoofd koel houden
Rustig blijven in een spannende situatie.
Ergens de schouders onder zetten
Je best doen om iets voor elkaar te krijgen.
Iets uit je mouw schudden
Iets heel makkelijk doen.
In de knoop zitten
Niet goed weten wat je moet doen.
Een wit voetje halen
Proberen bij iemand in de gunst te komen.
Door de mand vallen
Betrapt worden of laten zien dat je iets niet echt kunt.
Aan de bel trekken
Op tijd om hulp vragen of waarschuwen.
De plank misslaan
Iets verkeerd begrijpen of verkeerd doen.
Met lege handen staan
Niets hebben gekregen of bereikt.
De wind van voren krijgen
Kritiek krijgen.
Iets op de lange baan schuiven
Iets uitstellen.
In hetzelfde schuitje zitten
In dezelfde situatie zitten als iemand anders.
Waarom zijn spreekwoorden en gezegden belangrijk voor kinderen?
Spreekwoorden en gezegden helpen kinderen om taal beter te begrijpen. Ze leren dat woorden niet altijd letterlijk bedoeld zijn. Dat is een belangrijke stap in de taalontwikkeling.
Veel kinderen begrijpen eenvoudige zinnen prima, maar lopen vast als een tekst figuurlijk taalgebruik bevat. Een kind kan bijvoorbeeld alle woorden in “hij viel met zijn neus in de boter” kennen, maar toch niet snappen wat de zin betekent.
Door spreekwoorden te oefenen, groeit de woordenschat. Kinderen leren niet alleen nieuwe woorden, maar ook nieuwe manieren om iets te zeggen. Daardoor begrijpen ze gesprekken, verhalen en teksten steeds beter.
Ook helpt het bij taalgevoel. Kinderen ontdekken hoe rijk de Nederlandse taal is en leren dat sommige zinnen een diepere betekenis hebben. Dat maakt lezen en luisteren vaak makkelijker én leuker.
Spreekwoorden en gezegden bij begrijpend lezen
Bij begrijpend lezen gaat het niet alleen om woorden herkennen. Een kind moet ook begrijpen wat er tussen de regels door wordt bedoeld. Spreekwoorden en gezegden kunnen daarin een belangrijke rol spelen.
In verhalen, informatieve teksten en opdrachten komen regelmatig uitdrukkingen voor. Als een kind deze letterlijk neemt, kan de betekenis van de hele tekst verkeerd overkomen. Daarom is het handig als kinderen leren om figuurlijk taalgebruik te herkennen.
Stel dat in een tekst staat: “Sam hield het hoofd koel.” Dan betekent dit niet dat zijn hoofd koud was. Het betekent dat Sam rustig bleef. Zulke verschillen zijn belangrijk bij tekstbegrip.
Vooral in de midden- en bovenbouw wordt dit steeds belangrijker. Kinderen lezen langere teksten, krijgen meer taalopdrachten en moeten vaker zelf uitleggen wat een zin betekent.

Hoe kun je spreekwoorden en gezegden oefenen met je kind?
Spreekwoorden oefenen hoeft niet lang of ingewikkeld te zijn. Korte oefenmomenten werken vaak beter dan één lange sessie. Zeker als je kind spreekwoorden nog lastig vindt, is herhaling belangrijk.
Begin met bekende spreekwoorden die passen bij situaties uit het dagelijks leven. Zegt iemand bijvoorbeeld “haastige spoed is zelden goed”, bespreek dan samen wat er gebeurde. Zo leert je kind de betekenis koppelen aan een echte situatie.
Een goede oefening is om je kind eerst te laten raden wat het letterlijk betekent. Daarna bespreek je de echte betekenis. Dat maakt het verschil tussen letterlijk en figuurlijk taalgebruik duidelijk.
Je kunt ook samen voorbeeldzinnen maken. Laat je kind een spreekwoord gebruiken in een zin over school, sport, thuis of vrienden. Daardoor wordt de betekenis concreter.
Andere handige oefenvormen zijn:
- spreekwoord koppelen aan de juiste betekenis
- betekenis kiezen uit drie opties
- spreekwoord aanvullen in een zin
- een gezegde tekenen
- spreekwoorden zoeken in een tekst
- zelf een korte situatie bedenken bij een spreekwoord
Het belangrijkste is dat je kind begrijpt wat het spreekwoord betekent. Uit het hoofd leren is minder waardevol als je kind de betekenis niet kan toepassen.
Oefenen per basisschoolgroep
In de onderbouw hoeven kinderen spreekwoorden meestal nog niet uitgebreid te beheersen. Ze komen er wel mee in aanraking via verhalen, gesprekken en voorlezen.
Vanaf groep 5 en 6 worden spreekwoorden en gezegden vaak duidelijker onderdeel van taal en begrijpend lezen. Kinderen leren dan steeds beter om betekenissen af te leiden uit de context.
In groep 7 en 8 wordt figuurlijk taalgebruik belangrijker. Kinderen lezen langere teksten en krijgen vaker vragen waarbij ze niet alleen de letterlijke betekenis, maar ook de bedoeling van een zin moeten begrijpen.
Als ouder kun je daarom rustig opbouwen. Begin met herkenbare voorbeelden en maak de stap naar teksten pas wanneer je merkt dat je kind de basis begrijpt.
Gratis werkbladen voor spreekwoorden, gezegden en taalbegrip
Gratis werkbladen zijn een fijne manier om thuis laagdrempelig te oefenen. Je kind kan gericht aan de slag met betekenissen, voorbeeldzinnen en taalbegrip, zonder dat je zelf opdrachten hoeft te bedenken.
Voor spreekwoorden en gezegden zijn vooral opdrachten handig waarbij kinderen moeten koppelen, kiezen, invullen of uitleggen. Zo zie je snel of je kind de betekenis echt begrijpt.
Werkbladen kunnen ook helpen bij begrijpend lezen. Een kind leert dan niet alleen losse spreekwoorden herkennen, maar ook begrijpen wat een zin of tekst ermee bedoelt.
Op oefenboeken.nl kun je gratis oefenbladen gebruiken om thuis extra te oefenen met taal, woordenschat en begrijpend lezen. Dat is vooral handig als je merkt dat je kind onzeker wordt bij figuurlijk taalgebruik of vaak vraagt wat een zin betekent.
Download nu onze Gratis werkbladen taal & spelling
Meer dan 100.000 ouders oefenen al met ons materiaal en zagen hun kind groeien in zekerheid, tempo en resultaat. Vul hieronder je gegevens in en ontvang de oefenbladen direct als PDF in je mailbox.
Oefenboeken voor taal, woordenschat en begrijpend lezen
Soms is een los werkblad genoeg om een onderwerp kort te oefenen. Maar als je kind vaker moeite heeft met taalbegrip, woordenschat of begrijpend lezen, kan meer structuur prettig zijn.
Oefenboeken helpen om stap voor stap te oefenen. Je kind krijgt duidelijke opdrachten, herhaling en afwisseling. Dat geeft houvast, vooral wanneer je thuis niet precies weet waar je moet beginnen.
Spreekwoorden en gezegden zijn onderdeel van een groter geheel. Ze raken aan woordenschat, begrijpend lezen, taalgevoel en het begrijpen van figuurlijke taal. Daarom is het zinvol om dit niet alleen als losse lijst te zien, maar ook als onderdeel van taalontwikkeling.
De oefenboeken van oefenboeken.nl kunnen ouders helpen om taal en begrijpend lezen rustig op te bouwen. Zo oefent je kind niet alleen met losse woorden, maar ook met het begrijpen van zinnen, teksten en opdrachten.
Spreekwoorden, gezegden en voorbereiding op Leerling in Beeld, Cito en IEP
Spreekwoorden en gezegden zijn geen los trucje dat kinderen alleen voor een toets moeten leren. Toch kunnen ze wel belangrijk zijn bij taalopdrachten en begrijpend lezen.
Bij toetsen zoals Leerling in Beeld, Cito en IEP draait het vaak om tekstbegrip, woordenschat en het begrijpen van de bedoeling van een zin. Figuurlijk taalgebruik kan daarin voorkomen. Een kind dat spreekwoorden en gezegden herkent, begrijpt een tekst vaak sneller en met meer zekerheid.
Het is daarom niet nodig om je kind “alle spreekwoorden” uit het hoofd te laten leren. Het is belangrijker dat je kind leert nadenken: wat staat er letterlijk, wat wordt er bedoeld en past de betekenis bij de tekst?
Gratis werkbladen en oefenboeken kunnen hierbij ondersteunen. Ze geven kinderen de kans om rustig te oefenen met taal, woordenschat en begrijpend lezen. Daardoor groeit niet alleen de kennis, maar vaak ook het zelfvertrouwen.